Woorden uit de tekst Vreemde slotenmakers en klemmende deuren

Gatenoefening.

Vul de zinnen aan met deze woorden: expres // zootje // botweg // laaien // ergens op staan // driftig // prikkelen
1. Ik heb die jongeman de waarheid verteld.
2. Vader werd zo kwaad bij het zien van de slechte cijfers op het rapport dat hij heen en weer begon te lopen in de kamer.
3. Met man en macht probeerden de brandweerlui te blussen, maar het vuur zo hard dat het levensgevaarlijk werd.
4. je om zelf je prijs in ontvangst te nemen?
5. De leraar las een stukje voor uit een spannend verhaal en zo zijn leerlingen zelf het boek te lezen.
6. Emma wou zien hoe de kat op de grond zou terechtkomen en gooide haar van de eerste verdieping uit het raam.
7. Als papa in de keuken aan het koken is, maakt hij er altijd een van.